Op zaterdag 26 juni aanstaande sluit het nationaal farmaceutisch museum zich tijdens Gouda Waterstad aan bij de Goudse Nocturne. Het museum is geopend van 11.00 tot 22.00 uur. Entree voor deze dag is Euro 2.
U bent welkom voor een anti-scheurbuik medicijn.
scheurbuik
Deze ooit onder zeelieden zo gevreesde ziekte wordt ook wel ‘de gesel der zee’ genoemd. Maar eigenlijk heeft de zee niets met deze ziekte te maken. Overal waar mensen lange tijd voedsel nuttigen waarin onvoldoende vitamine C zit komt scheurbuik voor. De Romeinse legers die over land naar het noorden trokken hadden veel last van scheurbuik. En ook de kruisvaarders hebben er onder geleden. Dat het gebruik van
citrusvruchten de klachten doet verdwijnen werd al in de 16de eeuw bij toeval ontdekt, toen de bemanning van een schip dat geladen was met sinaasappels van deze lading begon te snoepen en de scheurbuikklachten verdwenen.
Sinaasappels, citroenen en limoenen zijn sindsdien als geneesmiddel bij scheurbuik gewaardeerd. De VOC legde op weg naar Azië verversingsposten aan waar de bemanning vlees, groente en water in kon nemen. Een belangrijke verversingspost werd gebouwd in Zuid-Afrika, op Kaap de Goede Hoop. Hier groeiden in 1661 al duizend citroenbomen. Ook werd er Lepelblad (Cochlearia officinalis L.) verbouwd. Het gunstige effect van Lepelblad bij scheurbuik was al aan het eind van de 16de eeuw zo algemeen bekend dat de Engelsen het ‘scheurbuik gras’ (scurvy grass) noemden. Ook de overwinteraars op Nova Zembla genazen na de barre winter van hun scheurbuik
toen zij Lepelblad gevonden hadden.
De Schotse arts James Lind (1716-1794), die als scheepschirurgijn veel met scheurbuik werd geconfronteerd, toonde in 1747 overtuigend aan dat citrusvruchten de klachten deden verdwijnen. De Engelse admiraliteit gaf toen order de bemanning van hun schepen naast het gewone dieet regelmatig wat citroensap te geven.
tekst: Annette Bierman

